9 april 2011

Witboek Interne Staatshervorming goedgekeurd

De Vlaamse Regering heeft het witboek interne staatshervorming goedgekeurd. In de zomer van vorig jaar lanceerde de minister zijn groenboek: een toekomstvisie voor de Vlaamse bestuurlijke organisatie, waarin de knelpunten van de huidige situatie waren opgelijst. Na maandenlang advies en overleg met de betrokken bestuursniveaus, sectoren en middenveldorganisaties zijn nu de definitieve uitvoeringslijnen goedgekeurd. De interne staatshervorming moet ervoor zorgen dat de overheid efficiënter gaat werken, over de grenzen van de bestuursniveaus heen. De wildgroei van talloze tussenstructuren zorgt voor inefficiëntie, verkokering en gebrek aan transparantie. Elk bestuursniveau is met alles bezig, zodat burgers en bedrijven niet meer weten tot wie ze zich moeten richten voor een dienst of een probleem. De gemeenten ondervinden een gebrek aan bestuurskracht, omdat het verwachtingspatroon ten aanzien van die gemeenten fors is toegenomen. Vanuit de Vlaamse overheid is er bovendien te veel detailsturing, controle en toezicht.

Om de bestuurskracht van de gemeenten te versterken zijn tal van concrete maatregelen opgenomen in het witboek. “De strategische beslissingen moeten opnieuw bij de gemeenteraad liggen. Zo moet de gemeenteraad de spil blijven van het gemeentelijke beleid. Daarom voegen we hier instrumenten toe of zullen bestaande instrumenten versterkt worden: de benoeming van de voorzitter van de gemeenteraad buiten het college wordt aangemoedigd. Dit moet zorgen voor een extra dynamiek in de raad. Verder moet de gemeenteraad de bewaker kunnen zijn van de beslissingen die genomen worden in de intergemeentelijke samenwerkings-verbanden en de autonome gemeentebedrijven” aldus minister Bourgeois. “Wij kiezen daarnaast voor de invoering van het herstel van de bestuurbaarheid indien nodig. Het is toch niet normaal dat in een gemeente waar bijvoorbeeld de coalitie wijzigt, de gemeente onbestuurbaar wordt of de begroting niet meer goedgekeurd raakt, zelfs na bemiddeling van de gouverneur. In zo’n gevallen bieden we de kans aan de gemeenteraad om een nieuwe college voor te stellen.”

Ook het politiek apparaat moet efficiënter worden. Vanaf 2013 zal de voorzitter van het OCMW verplicht deel uitmaken van het college van burgemeester en schepenen. Het aantal schepenen zal vanaf 2019 met één verminderen, wat een daling van de apparaatkost en een meer efficiënte politieke besluitvorming met zich meebrengt. De invoering van een beperkte en geconditioneerde uittredingsvergoeding voor uitvoerende mandatarissen moet het schepenambt aantrekkelijker maken voor capabele mensen. Om de bestuurskracht verder te versterken stimuleert men de verdere integratie van gemeente en OCMW. In veel gemeenten werken de gemeente en het OCMW al samen, bijvoorbeeld voor de personeelsdienst, ICT en/of technische dienst. Bedoeling is de laatste decretale drempels weg te werken om die integratie nog verder mogelijk te maken.

In het witboek is ook de herijking van het gemeentefonds opgenomen: enerzijds zullen een aantal ‘technische anomalieën’ weggewerkt worden, omdat sommige gemeenten met te grote schommelingen geconfronteerd worden in het bedrag dat ze jaarlijks ontvangen, anderzijds worden de verdelingscriteria bekeken om te komen tot een eenvoudigere set. Er wordt wel gegarandeerd dat de gemeenten niet minder zullen ontvangen dan voor de aanpassing (waarborgregeling) en er zal in een redelijke basisfinanciering als algemene ondersteuning voor de lokale beleidsvoering voorzien worden.

Steden en gemeenten krijgen een prominente rol in de bestuurlijke organisatie. “Een van de grootste problemen van onze steden en gemeenten is dat zij meer tijd moeten stoppen in allerhande plannen en rapporten voor de Vlaamse overheid, dan in het voeren van een beleid op maat voor de eigen inwoners,” legt minister Bourgeois uit. “Het opstellen en controleren van al die plannen en rapporten kost een smak geld, zowel aan de lokale besturen als aan de Vlaamse overheid.” Daarom worden alle sectorale plannen en rapporten (zoals bijvoorbeeld cultuurbeleidsplan, jeugdbeleidsplan, sportbeleidsplan enz.) afgeschaft, en geïntegreerd in het strategische meerjarenplan dat elke gemeente sowieso opstelt. Het kaderdecreet voor deze planlastvermindering is vandaag goedgekeurd. Vanaf 2013 opteren we voor slechts 1 omvattende meerjarenplanning en 1 omvattende rapportering, in plaats van de huidige 14! De gemeenten krijgen in heel wat beleidsdomeinen ook meer bewegingsvrijheid en autonomie om lokaal maatwerk te realiseren op die beleidsdomeinen die het dichtst bij de mensen staan (zoals kinderopvang, Ruimtelijke Ordening, Werkgelegenheid en Onroerend erfgoed). De Vlaamse overheid zal in deze domeinen het kader vastleggen en ondersteunend optreden, maar minder vanuit Brussel de details vastleggen.

Complexe processen en procedures, onvoldoende afstemming tussen Vlaamse administraties, … leggen een hypotheek op de slagkracht van een lokaal bestuur. Ook daarvoor zijn enkele maatregelen opgenomen in het witboek: in Vlaanderen gaan besluitvormingsprocessen te traag. Dit willen we oplossen door geen bindende adviezen meer toe te laten en de mogelijkheid verhinderen dat één ambtenaar op eigen houtje door middel van beroepsprocedures bepaalde processen kan stilleggen. Verder wordt de mogelijkheid uitgebreid om voorafgaand aan de formele vergunningsprocedure een projectvergadering te vragen. Op deze projectvergadering is het de bedoeling tegenstrijdige standpunten weg te werken, uitsluitsel te krijgen over vereiste aanpassingen/aanvullingen en de timing te bepreken. Er moet een betere coördinatie komen tussen de Vlaamse diensten. De gouverneur krijgt voortaan de opdracht de buitendiensten op elkaar af te stemmen. Tegelijk zal de functie van arrondissementscommissaris uitdoven. In heel wat beleidsdomeinen geven zowel de Vlaamse overheid, de provincies als de gemeenten subsidies. Subsidiëring wil men voortaan clusteren op maximaal twee niveaus. Dat moet zorgen voor een kleinere planlast voor zowel burger als overheid.

Door middel van een regioscreening zal er een doorlichting gebeuren van alle overheidsstructuren die in de loop der jaren zijn ontstaan naast de Vlaamse overheid, de provincies en de gemeenten. Minister Bourgeois ziet hier een belangrijke rol weggelegd voor de gouverneurs, die in hun provincie samen met de gemeentebesturen en de intermediaire actoren per regio een actieplan opstellen om tot een drastische vereenvoudiging te komen. De klemtoon in de Vlaamse bestuurlijke organisatie komt te liggen bij de gemeenten aan de ene kant en de Vlaamse overheid aan de andere kant. Waar de gemeenten een maximale autonomie moeten kunnen genieten, is de Vlaamse overheid ondersteunend en kaderstellend. De provincies zijn het intermediaire bestuursniveau tussen de gemeenten en de Vlaamse overheid. De taken van de provincies worden nu goed afgebakend en afgestemd op de bevoegdheden en taken van de Vlaamse overheid en de gemeenten.

“Voor de grondgebonden bevoegdheden kunnen de provincies hun bevoegdheden blijven uitoefenen. Voor de niet-grondgebonden bevoegdheden zal een decretale basis nodig,” aldus minister Bourgeois. Per lokale bestuursperiode zal een bestuursakkoord gesloten worden tussen de Vlaamse Regering en de provincies. In dit bestuursakkoord worden afspraken gemaakt over taken, doelstellingen, activiteiten en financiering. Bovendien moet ook het politiek apparaat van de provincies efficiënter: in elke provincie zal het aantal provincieraadsleden verminderen en moet het bestuur het vanaf 2019 met één gedeputeerde minder doen.

Lees meer over de kritiek van de provincies over de interne staatshervorming.
U vindt de volledige uitleg over het witboek interne staatshervorming op http://binnenland.vlaanderen.be/interne-staatshervorming.

Labels: ,

Links naar dit bericht:

Een link maken

<< Homepage

eXTReMe Tracker
My Google AJAX Search API Application
Loading...